Wat kan er misgaan?

De meeste anticonceptiemiddelen zijn heel betrouwbaar als je ze goed gebruikt, maar je kunt ze een keer vergeten of er kan iets misgaan. Door onveilige seks kun je een soa oplopen en/of je kunt zwanger worden. Wat kan er misgaan met anticonceptie? Hoe krijg je een soa of hoe geef je deze door?

Wat kan er misgaan met anticonceptie? 

Condoom

  • klapt of scheurt nadat de man is klaargekomen.
  • glijdt af nadat de man is klaargekomen.
  • wanneer de houdbaarheidsdatum is verstreken.
  • condooms kunnen niet tegen extreme kou en grote hitte.
  • met iets scherps aanraken: nagels, tanden of sleutels.
  • in één keer afrollen zonder het topje dicht te knijpen. Doordat er lucht in zit kan hij knappen.
  • een half uur vrijen met hetzelfde condoom.
  • na klaarkomen nog een tijdje in je partner blijven met de penis (in slaap vallen bijvoorbeeld).
  • zonder handen de penis terugtrekken.
  • na klaarkomen nog eens met hetzelfde condoom geslachtsgemeenschap hebben.
  • twee condooms over elkaar gebruiken (dan scheuren ze juist).

Pil

  • pil een keer vergeten. 
  • te laat begonnen met je nieuwe pilstrip (stopweek langer dan zeven dagen laten doorlopen).
  • diarree gehad of overgegeven.
  • antibiotica gebruikt: bij veel antibiotica werkt de pil niet meer goed.
  • pil een tijdje niet slikken omdat je geen seks had.

Anticonceptiering

  • te laat een nieuwe ring ingebracht (stopweek langer dan zeven dagen laten doorlopen).
  • je oude ring langer dan drie weken laten zitten.

Anticonceptiepleister

  • te laat een nieuwe pleister opgeplakt (stopweek langer dan zeven dagen laten doorlopen).
  • je oude pleister langer dan één week laten zitten.

Prikpil 

  • te laat een nieuwe prikpil gaan halen (na meer dan drie maanden).

Anticonceptiestaafje

  • te laat een nieuw anticonceptiestaafje gaan halen (na meer dan drie jaar).

Spiraaltje

  • te laat een nieuw spiraal gaan halen (na drie, vijf of tien jaar, afhankelijk van de soort).
  • last hebben van buikpijn, maar je spiraal niet laten checken. Heel soms wordt je spiraaltje afgestoten door je baarmoeder. Dan is hij niet meer betrouwbaar.

Hoe kun je een soa en/of hiv oplopen of doorgeven?

Soa’s zijn seksueel overdraagbare aandoeningen. De meest bekende zijn chlamydia, genitale wratten, gonorroe, herpes genitalis, hepatitis B, hiv en syfilis. Soa’s worden ook wel geslachtsziekten genoemd, omdat ze meestal worden doorgegeven wanneer je onveilig vrijt.

Je kunt een soa krijgen of doorgeven door:

  • Vaginale geslachtsgemeenschap zonder condoom (penis in vagina).
  • Anale geslachtsgemeenschap zonder condoom (penis in anus).
  • Wanneer geslachtsdelen (vagina en penis) elkaar aanraken, maar geen sprake is van penetratie is dit onveilig voor soa. Het is wel veilig voor hiv tenzij voorvocht/sperma toch in de vagina komt. 
  • Orale seks (pijpen en beffen) zonder condoom of beflapje.
  • Vagina's tegen elkaar aanwrijven.
  • Gezamenlijk gebruik van seksattributen, zoals een dildo, zonder steeds schoon te maken of er een condoom omheen te doen.
  • Een aantal soa’s is ook overdraagbaar via bloed: hiv, hepatitis B en syfilis.

Meer weten? 

Wat kun je doen als het mis is gegaan?

Hulp nodig?

Seksuele problemen zijn vaak goed op te lossen. Kijk welke mogelijkheden er zijn voor de aanpak van je probleem.

Vind hulp